Onweerskansen maandag 12 augustus 2019

Op maandag komen een aantal zaken samen boven onze regio waardoor we opnieuw enkele stevige onweersbuien kunnen verwachten. In het eerste deel van de dag is er daarbij aan de kust zelfs kans op enkele waterhozen. In het tweede deel van de dag zijn ook de gebieden landinwaarts aan de beurt, met daar dan kans op een aantal stevige onweersbuien. We overlopen stap voor stap welke ingrediënten er op maandag voor de onweerssituatie zorgen: dat zijn een hoogtetrog, (kust)convergentie, een jet streak en het relatief warme zeewater.

Volg onze weerupdates ook via Facebook en Twitter

Hoogetrog zorgt voor toenemende onstabiliteit

In de nacht van zondag op maandag nadert vanuit het westen een grote hoogtetrog vanop de Atlantische Oceaan. Een hoogtetrog is een lagedrukgebied op hoogte dat gevuld is met koude lucht die op figuur 1 te herkennen is aan de hand van de zuidwaartse uitstulping van de zwarte lijnen (de isohypsen). Pas tegen de avond komt de trog-as (het midden van de trog) in de buurt van de Benelux. Zoals al vaker aangehaald, zorgt de toestroom van koude lucht op hoogte voor een onstabiele atmosfeer met CAPE-waarden die hierdoor de hoogte in gaan (boven zee zo’n 500 J/kg in de voormiddag en later in het binnenland tot 1000 J/kg of iets meer). Op onderstaande figuur is de trog-as aangeduid met de lichtblauwe, gestippelde lijn en de trekrichting met de donkerblauwe pijlen. Hoe groener/blauwer de kleur op de kaart, hoe kouder de bovenlucht.

Een hoogtetrog komt morgen vanuit het westen dichterbij en zorgt via koude bovenluchten voor een onstabiele atmosfeer

Tegelijkertijd is het zeewater van de Noordzee reeds goed opgewarmd, tot zo’n 19-21 graden op de meeste plaatsen langs de kust. Ook in het binnenland bereiken we morgen zo’n 21-23 graden als maximale temperatuur. Zowel boven zee als boven land is dit voldoende om convectie te laten ontstaan: de convectietemperatuur (de temperatuur aan de grond die nodig is opdat wolkenvorming vanzelf kan ontstaan) wordt makkelijk bereikt. Tegelijkertijd is ook de CIN (het zogenaamde dekseltje dat kan verhinderen dat lucht kan verder stijgen) vrijwel afwezig en kunnen de meeste buien dus vanaf de grond ontstaan en ‘ongestoord’ doorgroeien.

Het zeewater langs de kustlijn van België en Nederland is na de intense hitte van enkele weken geleden goed opgewarmd

Aan de grond bevindt er zich een grondtrog (een convergentielijn), waar lucht aan het oppervlak samenkomt en gedwongen wordt om te stijgen. Op figuur 3 is deze convergentie goed te zien: in de rode cirkel zien we hoe de gemiddelde wind aanvankelijk boven de Noordzee W tot WZW waait met een snelheid van ca. 30-40 km/h, terwijl boven land de wind ineens draait naar ZW tot ZZW en afzwakt tot ca. 10-20 km/h. Later verplaatst deze grondtrog zich ook verder naar het binnenland (figuur 4). Zowel de subtiele draaiing van de windrichting en de afremming boven land t.o.v. de Noordzee zorgt ervoor dat de lucht zich ‘ophoopt’ op die plaatsen en gedwongen wordt om te stijgen. In de loop van de ochtend bereikt deze grondtrog reeds de westkust.

Aan het oppervlak bevindt er zich dan weer een grondtrog waarlangs (kust)convergentie optreedt en mee zorgt voor de ontwikkeling van buien

Bovendien bevinden we ons ook nog eens onder een jet streak op hoogte: dit is een gebied waar de wind ineens heel hard waait. Deze bevindt zich vooral over het oosten van de Benelux, waar de windsnelheid op 300 hPa toeneemt tot boven de 100 km/h (figuur 5). Vooral daar kan de wind shear (de verandering van windsnelheid/richting met de hoogte) oplopen tot meer dan 30 kts en is er dus ook een dynamisch aspect aanwezig dat de organisatiegraad van de buien in de hand kan gaan werken.

Op grote hoogte waait de wind boven het oosten van de Benelux harder dan 100 km/h

Kans op waterhozen boven de Noordzee

Op maandag kunnen de weersomstandigheden ook gunstig zijn voor het ontstaan van een waterhoos hier en daar. Daarvoor zijn enkele zaken nodig: onder andere een groot temperatuurverschil tussen de zee en de bovenlucht, een niet al te sterk windveld, goed verticaal ontwikkelde buien en tenslotte ook een proces dat wat rotatie kan generen. Herinner dat het zeewater relatief warm is en de bovenlucht kouder wordt door het naderen van een hoogtetrog. Bovendien wordt de convectietemperatuur bereikt en is er tijdens het eerste deel van de dag amper CIN (geen dekseltje) in de westelijke gebieden, terwijl CAPE (onstabiliteit) oploopt tot 500 J/kg. Met 30-40 km/h is het windveld ook niet al te sterk. Bovendien zorgt de grondtrog via de draaiing van de wind mogelijk voor wat rotatie, die de bui dan kan helpen om een waterhoos te vormen. Op onderstaande figuur wordt de kans weergegeven, waarbij geldt dat: hoe groter de SWI index, hoe groter de kans op waterhozen. Indien < 0 is die kans er niet.

Kans op waterhozen morgen aan de hand van SWI

Weersituatie in een notendop

Maandagochtend ontstaan er al vrij snel enkele buien nabij de kust. Door het warme zeewater wordt de convectietemperatuur snel bereikt en door de afwezigheid van CIN en aanwezigheid van zowel de hoogtetrog (met koude bovenluchten) en de grondtrog (met (kust)convergentie) ontstaan er snel buien met daarbij ook kans op onweer en hier en daar zelfs waterhozen. Initieel zijn vooral de westkust van België en het noordwestelijke gedeelte van Nederland aan de beurt. Elders in de Benelux zijn er eerst nog opklaringen, maar ontstaan ook al vrij snel stapelwolken. Door de dagelijkse gang (in het binnenland wordt het pakweg 21-23 graden) en het verder landinwaarts trekken van de grondtrog, ontstaan er ook daar enkele onweersbuien vanaf de middag.

Waarschuwingskaart hevige buien op 12 augustus 2019

Boven zee worden de buien (tijdelijk) iets minder talrijk en verdwijnt stilaan ook de kans op waterhozen doordat de grondtrog verder landinwaarts trekt en de onstabiliteit stilaan wat afneemt door het aanvoeren van wat drogere lucht. Echter in de loop van de avond en nacht naar dinsdag zal de buienactiviteit hier weer opflakkeren. Meer naar het centrum toe en vooral in het oosten van de Benelux kunnen de buien door de wat hogere wind shear gaan samenklonteren.

Waar de maxima morgen iets hoger klimmen, stijgt bovendien de kans op hagel (tot 2 cm) en windstoten (tot 80 km/h) in deze gebieden. Ook tijdens de avond vallen er verspreid over de Benelux nog enkele (stevige) buien met hier en daar ook nog onweer bij, maar die kans wordt dan wel kleiner en ook de randverschijnselen zoals hagel en windstoten zijn dan minder van toepassing. In totaal kan er morgen in enkele gebieden in totaal wel meer dan 30 mm neerslag vallen.

In totaal kan er op sommige plaatsen meer dan 30 mm vallen, maar door het buiige karakter zijn er grote regionale verschillen mogelijk


Lees ook eens: