SSW op het zuidelijk halfrond: zeldzaam

Momenteel zien we rond het zuidpoolgebied een zeer sterke SSW optreden. Dit veroorzaakt hoge temperaturen in de stratosfeer boven Antarctica. We weten dat een SSW op het noordelijk halfrond regelmatig voorkomt in de winter, maar hoe zit dat op het zuidelijk halfrond? En heeft het meetbare effecten op het weer daar?

Voorkomen SSW op zuidelijk halfrond

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: een SSW ten zuiden van de evenaar is behoorlijk zeldzaam. Sinds het begin van de meetreeks zijn er maar twee geweest: één in september 2002 en één in september 2010. Daarbij moet aangehaald worden dat de stratosferische metingen boven het zuidelijk halfrond pas sedert de eeuwwisseling plaatsvinden. We hebben dus een relatief kleine steekproef als basis waarmee we kunnen meten. Maar een gemiddelde van één keer per 7 à 8 jaar in deze eeuw zegt eigenlijk alles over de zeldzaamheid van dit fenomeen. Ter vergelijking: op het noordelijk halfrond vindt er bijna elk jaar wel een SSW plaats.

Verklaring voor verschil

De reden dat er op het zuidelijk halfrond veel minder SSW’s plaatsvinden dan op het noordelijk halfrond, komt doordat de zuidelijke stratosferische poolwervel veel compacter is dan zijn noordelijke soortgenoot. De zuidpool wordt volledig bedekt door een land/ijskap, waardoor de atmosfeer daar in het donkere winterhalfjaar intens kan afkoelen. Direct buiten Antarctica ligt dan weer aan alle kanten oceaan, die er voor zorgt dat de atmosfeer daar juist weer minder kan afkoelen. Dit veroorzaakt een zeer scherpe temperatuurbarrière. De zeer koude poolwervel (temperaturen tot -90°C op 10 hPa) zit bijna altijd gevangen boven het koude Antarctica. Vanwege de aanwezigheid van warme oceanen rondom het zuidelijkste continent kan deze ‘koudepoel’ in veel gevallen geen kant op.

Op het noordelijk halfrond is de situatie totaal anders. Daar wordt de noordpool voornamelijk bedekt met (relatief warm) zee-ijs, terwijl iets verder van de pool juist grote landoppervlakten voorkomen. Deze kunnen in de donkere winters zeer vlug afkoelen. Het gevolg is dus dat het verschijnsel “hoe noordelijker, des te kouder” lang niet altijd opgaat voor het noordelijk halfrond. Dit maakt de stratosferische poolwervel er zwakker dan die boven het zuidelijke halfrond.

SSW Antarctica
De huidige SSW boven het zuidelijk halfrond. Een flink deel van Antarctica is bedekt onder een bel (voor stratosferische begrippen) zeer warme lucht. (NOAA)

Nog geen major warming

Hoewel er, een voor het zuidelijk halfrond, zeer actieve SSW plaatsvindt, is er officieel nog geen sprake van een major warming. Hierover spreken we pas als de gemiddelde winden op het 10 hPa-niveau (circa 30 kilometer hoogte) negatief worden rond 60° ZB. Met andere woorden: er is gemiddeld over alle lengtelocaties op 60° ZB meer oostenwind dan westenwind in de middelhoge stratosfeer. Momenteel is dat nog niet aan de orde.

Desondanks komen we er akelig dichtbij. Gedurende aanstaande week zie je de verwachtingslijn (oranje) als een speer omlaag duiken. Uiteindelijk komen we maar net iets boven 0 uit, maar veel scheelt het niet. Het valt zeker niet uit te sluiten dat we later in september alsnog eronder gaan, maar dit staat nog niet in de betrouwbare verwachtingstermijn.

De gemiddelde zonale wind op 60° ZB in de middelhoge stratosfeer. Lager dan 0 duidt op een major warming. Momenteel is daar (nog) geen sprake van en dus classificeren we de huidige SSW op het zuidelijk halfrond als ‘minor warming’. (NASA)

SSW boven Antarctica: gevolgen

De exacte effecten van een SSW op het zuidelijk halfrond zijn niet allemaal eenduidig te noemen. Wel kan, net als op het noordelijk halfrond, gesteld worden dat de kans op langdurige blokkades in/rondom het poolgebied toeneemt. Na de SSW van september 2002 volgde een zeer koude oktobermaand in Nieuw-Zeeland, de koudste in 20 jaar zelfs. Zeer waarschijnlijk was dit een gevolg van sterke blokkades rondom de zuidpool. Hetzelfde geldt in mindere mate voor de SSW van 2010. Toen was het met name regen dat Nieuw-Zeeland in het voorjaar (ons najaar) teisterde. Mogelijk staat er de komende weken daar in die contreien dus wel het een en ander op het programma daar op het gebied van weer. We houden de ontwikkelingen ter plekke nauwlettend in de gaten!

Een ander gevolg van de SSW, is het veel kleinere ozongat dan normaal. De ozonafbraak wordt namelijk normaliter in gang gezet door zeer lage temperaturen in de stratosfeer van het zuidelijk halfrond. De lage temperaturen zijn er echter op dit moment niet, waardoor er veel ozon overblijft. De ozonlaag is daardoor veel dikker dan gebruikelijk.

  • Ozon beschermt de aarde tegen een flink deel van de uv-straling. Meer weten over uv-stralen en de gevaren? Lees dan dit artikel.
Door toedoen van de SSW is het ozongat boven de zuidpool veel kleiner dan normaal. (Copernicus)


Lees ook eens: