Midden september, aan het einde van het smeltseizoen in de zomer, bereikt het noordpoolijs traditioneel een minimale omvang. We kunnen nu dus officieel de eindbalans opmaken over de toestand van het arctische zee-ijs in 2020. En wat blijkt… de omvang van het noordpoolijs was de op 1 na laagste sinds de start van de satellietwaarnemingen, net na 2012. Dat is zorgwekkend. Op de lange termijn verliezen we steeds meer zee-ijs en dat is een rechtstreeks gevolg van de klimaatverstoring.

Deelnemen aan discussie? Ben je geïnteresseerd om deel te nemen als weeramateur of liefhebber van het weer aan het weerforum? Onderaan dit artikel krijg je bliksemsnel & gratis toegang tot alle reacties. Je kan ook je eigen weerfoto’s opladen.

Omvang Noordpoolijs tweede laagste sinds 1979

Het gaat niet goed met het noordpoolijs. Hoewel we tijdens het begin van het seizoen nog optimistisch waren, toonden de metingen later in het seizoen reeds een tijdelijke record-lage omvang van het zee-ijs.

Nu we het einde van september naderen kunnen we een eindbalans opmaken m.b.t. de toestand van het zee-ijs voor 2020. Daaruit blijkt dat de omvang van het noordpoolijs de op 1 na laagste is sinds het begin van de satellietwaarnemingen in 1979. Dat is opmerkelijk en tegelijkertijd ook zorgwekkend.

Word premium partner van NoodweerBenelux! Mail naar sales@noodweer.be

Net boven het zee-ijs minimum van 2012

De evolutie van het noordpoolijs vertoont een duidelijke seizoensgebonden cyclus. Na de winter wordt de maximum-omvang bereikt en het zee-ijs krimpt dan geleidelijk, om na het zomerseizoen een minimum te bereiken tegen midden september.

Op 15 september 2020 had het noordpoolijs een oppervlakte van zo’n 3.74 miljoen km². Daarmee ligt het zee-ijsminimum nog ruim onder de omvang van de jaren 2016 en 2019. Een nieuw record werd net niet gevestigd, want de omvang van 2012 was nog zo’n 400 000 km² lager dan de huidige omvang.

De minimum-omvang van het noordpoolijs in september 2020 is de op 1 na laagste sinds 1979. De omvang was enkel in 2012 nog kleiner.

Toch is het best opmerkelijk wat er dit jaar is gebeurd in het noordpoolgebied. Het is nog maar de tweede keer sinds het begin van de metingen in 1979 dat de oppervlakte van het arctische zee-ijs onder de 4 miljoen km² duikt. Enkel in het recordjaar 2012 gebeurde dat.

In vergelijking met de jaren ’80 en ’90 van de vorige eeuw is de omvang van het zee-ijs drastisch verminderd. Vooral de minimum omvang is de laatste jaren sterk gedaald. Die lag de laatste 30 jaar gemiddeld rond zo’n 6.3 miljoen km², terwijl de omvang de laatste jaren rond en vaak zelfs onder de 5 miljoen km² lag.

noordpoolijs
De laatste jaren neemt de omvang van het arctische zee-ijs snel af, en ligt het minimum steeds onder het langjarige gemiddelde voor 1981-2010.

Siberische hitte als boosdoener

De lage omvang van het zee-ijs in 2020 kunnen we deels toeschrijven aan enkele periodes met uitzonderlijke hitte. In juni 2020 was het recordwarm rond Siberië, aan de rand van de noordpoolcirkel. Toen werden er temperaturen van 30°C en meer gemeten tot zeer ver noordelijk. Deze hitte heeft zich nadien vertaald in een verhoogde smelt van het zee-ijs, ook mede veroorzaakt door verhoogde zeewatertemperaturen.

We zien ook duidelijk dat de omvang van het arctische zee-ijs vooral lager is langsheen de Siberische kust. Het effect van de zomerse hittegolf in deze regio is ook aan het eind van het smeltseizoen dus duidelijk waarneembaar.

Vooral langsheen de Russische kust is het zee-ijs sterk teruggedrongen.

Afname zee-ijs en klimaatverstoring

Door de klimaatverstoring warmt het noordpoolgebied tot 3 keer zo snel op, i.v.m. de rest van de wereld. Dat komt door de zogenaamde ijs-albedo feedback. De laatste jaren verdwijnt er steeds meer zee-ijs ten gevolge van de klimaatopwarming. Hierdoor neemt gemiddeld de warmte-absorptie toe in deze regio en warmt het noordpoolgebied zeer snel op. We noemen dit fenomeen ook wel de ‘arctische amplificatie’.

Op de lange termijn neemt de minimum-omvang van het noordpoolijs alsmaar af. Dat is een rechtstreeks effect van de klimaatopwarming.

Door de klimaatverstoring zien we ook dat gemiddeld de omvang van het arctische zee-ijs significant is afgenomen sinds het begin van de satellietmetingen in 1979. Die trend zien we bijna voor alle maanden, maar vooral de minimum-omvang in september is zeer sterk afgenomen.

Volgens de verwachtingen van de meeste klimaatmodellen, zal deze trend zich doorzetten in de toekomst en kunnen we nog voor het einde van deze eeuw een moment bereiken waarop de arctische zee volledig ijsvrij zal zijn!

Dat zijn alvast geen gunstige vooruitzichten… Het verlies aan zee-ijs en een verder opwarmend klimaat zullen bovendien ook nog andere negatieve gevolgen met zich meebrengen, ook voor onze regio’s. Denk maar aan het voorkomen van meer extremen en geblokkeerde weersituaties t.g.v. een verzwakkende straalstroom.