Mooi-weerdagen nader geanalyseerd voor de Benelux

Voor mensen is het weer een belangrijke factor in het dagelijks leven. Het bepaalt immers of je eerder binnen dan wel buiten leeft. En het blijkt eveneens dat weereen invloed heeft op de gemoedstoestand. Om de kwaliteit van het weer te kunnen meten heeft het Nederlandse weerinstituut KNMI een index ontwikkeld: de zogenaamde mooi-weerdagen. Maar wat zijn deze mooi-weerdagen precies? En kunnen we iets zeggen over de trend gedurende deze eeuw?

Mooi-weerdagen: definitie

Mooi-weerdagen, ook wel ADS-dagen (above normal, dry, sunny) genoemd, zijn dagen die aan een drietal voorwaarden dienen te voldoen. Allereerst moet de temperatuur boven het langjarig decadegemiddelde liggen. Ten tweede moet er sprake zijn van minstens de helft van het maximaal mogelijke aantal zonuren. Als laatste mag er niet meer dan 0,2 millimeter neerslag vallen. Wordt aan alle drie deze aspecten voldaan, dan spreken we van een mooi-weerdag. Hoewel mooi weer natuurlijk zeer subjectief is, blijkt het dat de meeste mensen zich bij de bovengenoemde criteria het meest comfortabel voelen.

Periode met de meeste mooi-weerdagen van het jaar

  • Bij deze analyse is gebruik gemaakt van de KNMI-daggegevens voor weerstation De Bilt.

Kijken we naar alle dagen vanaf 1906 (begin van de neerslagmetingen) tot en met 2018, dan zien we dat 23 mei als datum met de meeste mooi-weerdagen uit de bus komt. In totaal werden op deze datum maar liefst 35 keer drie groene vinkjes geturfd, goed voor 31% van alle jaren. Daarentegen zijn er in de periode november t/m februari verschillende data waarop nog nooit een mooi-weerdag is waargenomen.

mooi-weerdagen per datum
Het aantal mooi-weerdagen per datum

Nu is het zo dat bovenstaande gegevens vrij sterk schommelen van dag tot dag. Om een egaler beeld te krijgen van het aantal mooi-weerdagen per periode van het jaar is het beter om te kijken naar de decaden (tijdvakken van tien dagen). Doen we dit, dan krijgen we de volgende cijfers:

De derde decade van mei komt hier als winnaar uit de bus. In totaal traden er 283 mooi-weerdagen op in dit tijdvak. Het slechtst presterende tijdvak is de tweede decade van december met slechts 20 ADS-dagen.

mooi-weerdagen per decade
Het aantal mooi-weerdagen per decade

Knelpuntfactoren

Interessant daarbij is om te onderzoeken bij welk aandeel van het totaal aantal dagen per decade er níet wordt voldaan aan één van de drie voorwaarden. Ook dit hebben we nader geanalyseerd:

niet aan voorwaarden voldaan
Knelpuntfactoren per decade

Uit bovenstaande grafiek komt naar voren dat ’s winters de zonneschijn de grootste knelpuntfactor is. In november, december en januari haalt de zonneschijn in 85% gevallen niet de helft van haar maximale duur. In het zomerhalfjaar is de zonneschijn veel minder een issue, maar zien we juist dat de temperatuur een groot struikelblok vormt. Vooral gedurende de periode half juni – half augustus is dit het geval. In dit tijdvak zien we in 70% van de gevallen dat het kwik niet boven normaal komt. De neerslag als knelpuntfactor vertoont kleinere fluctuaties. We zien daar een kleine piek in de winter (57%), maar deze is relatief minder afwijkend dan bij de voorgenoemde twee factoren.

Ontwikkeling sinds begin van de metingen

Ten slotte hebben we het aandeel ADS-dagen ook nog uitgesplitst per klimatologisch tijdvak (30 jaar) sinds 1911. Hiermee kun je per deacde aflezen of deze gedurende de afgelopen eeuw meer of juist minder mooi-weerdagen is gaan vertonen.

percentage mooi-weerdagen per klimatologisch tijdvak
Percentage mooi-weerdagen per klimatologisch tijdvak (30 jaar)

De meest positieve trend zien we in de derde decade van april, de periode van half juli tot half augustus en de periode van half oktober tot eind november. In deze tijdvakken zien we een hoog aandeel van de ‘jonge’ klimatologische tijdvakken. Met andere woorden: hier is het aantal mooi-weerdagen sterk gestegen in vergelijking met begin vorige eeuw.

De meest negatieve trend vinden we in de perioden van eind mei tot begin juli en van eind augustus tot begin oktober. Hier vinden we hoge aandelen van ‘oude’ klimatologische tijdvakken en juist relatief lage aandelen van de nieuwere tijdvakken.

  • Behalve mensen worden ook dieren sterk beïnvloed door het weer. Lees hier meer over de effecten van winterweer op vogels.

Geen garantie voor de toekomst

Hoewel de cijfers die hierboven genoemd zijn, een goede indicatie geven, zijn ze niet voorspellend voor de toekomst. Het klimaat is immers aan het veranderen. Dit betekent dat we in sommige delen van het jaar mogelijk heel andere weersituaties gaan zien. Zo worden de zomers in de Benelux de komende eeuw naar verwachting droger, maar worden de winters juist natter. Dit zal grote invloed hebben op de mooi-weerdagen per decade. Tevens zijn deze gegevens (die gelden voor De Bilt) mogelijk niet representatief voor andere locaties in de Benelux. Beschouw deze analyse dan ook vooral indicatief.


Lees ook eens: