Waarom bestaan seizoenen?

Wij kennen 4 seizoenen per jaar: winter, lente, zomer en herfst. De astronomische winter is begonnen op dinsdag 22 december om 5.48 uur, dan staat de zon loodrecht op de Steenbokskeerkring. De vraag rest op veel meteorologen hun lippen. Waarom bestaan seizoenen eigenlijk en zijn ze überhaupt nog te matchen aan de opwarming van de Aarde? We proberen een antwoord voor jullie te formuleren.

Hamvraag: waarom bestaan seizoenen?

Astronomische seizoenen zijn gebaseerd op de baan van de aarde om de zon. Veel mensen denken dat de seizoenen komen door de afstand van aarde – zon. Dit heeft er niets mee te maken. De reden voor de seizoenen is dat de aarde gekanteld is. De aardas is niet loodrecht, maar is ongeveer 23.5° gekanteld. Dat betekent dat in de loop van een jaar, de hoeveelheid zonlicht die op de aarde valt op elke plek anders is.

De zon staat nu loodrecht op de Steenbokskeerkring. Hierdoor krijgt het zuidelijk halfrond meer zonlicht dan het noordelijk halfrond. Wij zitten dan in de winter. 6 maand later krijgen wij meer zonlicht en dan zitten we in de zomer. Dan staat de zon loodrecht op de Kreeftskeerkring.

Omdat wij ’s winters minder zonlicht ontvangen, zijn de dagen veel korter in de winter dan in de zomer. Hoe noordelijk je gaat, hoe korter de dagen in de winter. Hoe noordelijk hoe langer de dagen duren tijdens de zomer. Nu is het op de noordpool 24u op 24u donker. Tussen 21 september en 21 maart komt de zon niet boven de horizon op de noordpool.

Tussen 21 maart en 21 september gaat de zon op de noordpool niet meer onder. Het blijft dan 24u op 24u dag. Met het maximum op 21 juni, dan spreken we over de midzomernacht. Op de zuidpool is het dan juist omgekeerd.

Op 21 maart en 21 september staat de zon loodrecht op de evenaar. Dan duurt de dag – en nachtlengte overal op aarde even lang. Ongeveer 12u daglicht en 12u nacht.

aardas tijdens seizoenen

Seizoenen in West-Europa

Men zegt soms dat op 21 december de korste dag is, maar dit klopt niet helemaal. Een dag duurt namelijk altijd 24u. Men bedoelt hiermee de duur van het daglicht, wanneer de zon boven de horizon is. Op 21 december is de periode dat de zon boven de horizon staat het korst en de periode dat de zon onder de horizon is, het langst.

Vanaf 21 december lengen de dagen opnieuw, welleswaar heel bescheiden. Reeds vanaf 18 december gaat de zon later onder, doch verliezen we ’ s morgens nog iedere dag 1 minuut en dit tot 1 januari. Vanaf 1 januari gaat de zon later onder en komt ze vroeger op.

illustratie daglengtes tijdens maanden

Welke invloed heeft dit op ons klimaat?

De zon straalt energie uit, deze energie wordt omgezet in warmte. Hoe meer energie (licht) op aarde valt hoe meer er kan omgezet worden in warmte. Dit heeft te maken met de hellingsgraad van de zon aan de hemel. In de winter staat de zon veel lager aan de hemel dan in de zomer. In de winter komt de zon ongeveer 15.5° boven de horizon, in de zomer 62.5° boven de horizon.

In de zomer wordt de energie van de zon maar verspreidt over iets meer dan 1m², in de winter wordt dezelfde energie verspreid over 4 m². Omdat er in de zomer meer energie omgezet kan worden per m² in warmte zal het aardoppervlak in de zomer sneller opwarmen. In de winter is de energiespreiding veel groter, hier zal het aardoppervlak nauwelijks of niet opgewarmd worden, m.a.w. we krijgen geen warmte van direct zonlicht.

instraling zomer en winter

Op 21 juni staat de zon loodrecht op de Kreeftskeerkring. Deze plaats op aarde krijgt dan de maximale instraling van de zon, hierdoor wordt de energie maximaal omgezet in warmte. Deze warmte wordt door middel van een zuidwestelijke circulatie naar onze streek getransporteerd en in combinatie met de energie die omgezet wordt, stijgen de temperaturen geleidelijk.

Op 21 december staat de zon loodrecht op de Steenbokskeerkring, hierdoor wordt de energie van de zon in het noordelijk halfrond over een groter oppervlak gespreid. Het aardoppervlak warmt veel trager op, hierdoor dalen de temperaturen.

De polen krijgen in de winterperiode geen zonlicht, er kan geen energie omgezet worden in warmte. Dit is de reden waarom er een bar klimaat heerst op de polen. Het gebeurt dat deze kou via een noord tot oostelijke luchtstroming naar ons wordt getransporteerd. Deze kou zorgt dan voor een koudegolf.

Bronnen: gidsduurzamegebouwen.leefmilieubrussel.be, annemiekepiek.files.wordpress.com, ahafysica.nl


Lees ook eens: