Lentediscussie mei 2017
April bracht ons niet wat de weermodellen op de lange termijn hadden voorzien. Volgens het IRI (International Research Institute for Climate) werd er een zachte maand april voorzien. Dat kan u overigens nog eens opnieuw lezen in het artikel lentediscussie april 2017. Desondanks de negatieve uitkomst voor de maand april loont het opnieuw de moeite om even te kijken naar de lange termijn voor de maand mei.
De overgangsmaand tussen koelere en warme luchtmassa’s die traditioneel voor een toename in de onweerskansen. Bekijk onze weerberichten op Facebook of via Twitter voor de laatste stand van zaken.
Een blik op El Niño en La Niña
Vooraleer we een blik werpen op Europa is het ook interessant om eens te kijken naar de zeewatertemperatuur op mondiale schaal. Grootschalige events zoals La Niña en El Niño zijn momenteel weer big business aangezien ze een versterkende factor voor noodweer kunnen zijn in de buurt van Indonesië en Colombia.
Het probleem is dat een significante stijging van de SST (Sea Surface Temperature) een rechtstreeks effect heeft in de convectie van onweersbuien. Hebben we te maken met een grote positieve afwijking, dan is de convectie sterker en de kans op noodweer met overstromingen dus ook groter (najaar: Oost-Afrika). Voor Europa heeft een sterke El Niño eerder een beperkte invloed.
De winter verloopt in Scandinavië doorgaans wat strenger en de droogte in Oost-Spanje kan iets meer uitgesproken zijn. Voor de Benelux zijn de invloeden niet voldoende bewezen.
Ook via onderstaande grafiek kunnen we de kans hoog noemen op een El Niño vanaf juni/augustus. De eerder neutrale condities (groene balk) nemen met het verstrijken van het jaar verder af terwijl de rode balk een hogere kans impliceert. De rode balk symboliseert de condities van een El Niño. Heel erg duidelijk is te zien dat we dit jaar geen La Niña hoeven te verwachten. De kans daarop is slechts 10-20%.
Actuele weersituatie begin mei
Voor de volgende kaarten lijkt het ons zeer op zijn plaats om de data in een ruimer geheel te plaatsen. Vaak horen we dat mensen nog teveel op microniveau kijken naar dit soort kaarten en ervan uitgaan dat wanneer een rode stop boven België staat, het in die maanden ook warmer dan gemiddeld zal zijn. Dat is dus niet het geval. Het geeft een indicatie waar we een hogere temperaturen mogen verwachten, geen 100% zekerheid.
Ondanks de huidige set weerkaarten in de diverse weermodellen (GFS-ECMWF) zien we een indrukwekkende setting ontstaan. Met dank aan een final warming afgelopen weken in de stratosfeer ontspruiten flinke blokkades op Europees niveau. Een flink hogedrukgebied ontwikkelt zich komende dagen over het noordwesten van Europa. Met een kerndruk van 1040-1050 hPa kunnen we spreken van een flinke blokkade waar winterliefhebbers zolang op hebben gewacht. Een oostelijke luchtcirculatie begin mei 2017 is dan ook aan de orde.
Wat is de trend in het weer?
Wanneer we de gegevens van het IRI er opnieuw bij nemen, constateren we dat het instituut opnieuw komt opzetten met een prognose die neigt naar een gemiddeld warmer weerbeeld tegenover normaal. Echter, met de actuele weerkaarten in zowel GFS en ECMWF durven we dat toch sterk in vraag stellen. Volgens onderstaande weerkaart bestaat de kans tot 45% dat de maanden mei-juni en juli zachter gaan verlopen dan normaal.
Opmerkelijk om vast te stellen is dat er nergens anders in Europa een kouder scenario wordt verwacht, met uitzondering van een vrij lokaal gebied in Noorwegen. Witte vlakken duiden op ontbrekende gegevens die het plotten van de kaart bemoeilijken. Turkije kan zich volgens deze prognose verwachten aan een flink hogere kans op temperaturen boven het langjarig gemiddelde.