16 december 2023 - 4 min. lezen
2 reacties 2

De meteorologische herfst van 2023 was extreem nat. En dan vooral tijdens de maanden oktober en november. In Nederland was sprake van de op één na natste herfst ooit gemeten met gemiddeld 408 mm neerslag. Verder viel in november maar liefst 274,8 mm neerslag in het West-Vlaamse Beerst. Hoe zou zo’n extreem natte herfst als die van 2023 er in de toekomst uit zien? De nieuwe klimaatscenario’s van het KNMI bieden een inkijkje.

Deelnemen aan discussie? Ben je geïnteresseerd om deel te nemen als weeramateur of liefhebber van het weer aan het weerforum? Onderaan dit artikel krijg je bliksemsnel & gratis toegang tot alle reacties. Je kan ook je eigen weerfoto’s uploaden.

De herfst van 2023 was er één met grote contrasten. De maand september was regionaal vrij droog en in de periode van 1 september t/m 15 oktober kwam het in Ukkel tot slechts 12 neerslagdagen, een recordlaag aantal. Daarna veranderde het beeld volledig met van 16 oktober t/m 30 november juist het hoogste aantal neerslagdagen ooit gemeten in Ukkel en tevens een recordhoeveelheid regen (202,6 mm).

In Nederland was oktober het natst sinds het begin van de metingen. Gemiddeld over de 13 klimatologische neerslagstations van het KNMI viel 408 mm neerslag in de herfst, goed voor een tweede plek na 1998. In het (noord)westen van Nederland en het uiterste zuiden van België viel op sommige plekken in zowel oktober als november meer dan 200 mm neerslag.

Afgelopen herfst viel in België op de meeste plaatsen tussen de 250 en 450 millimeter regen. In de hoger gelegen gebieden en in de kustregio’s viel lokaal nog wat meer neerslag (KMI).

Hoewel het misschien moeilijk te rijmen valt met alle berichten van droogte de laatste jaren, valt er gemiddeld steeds meer neerslag in de Benelux. Waar aan het begin van de vorige eeuw in De Bilt nog zo’n 750 mm regen per jaar viel, is dat nu ongeveer 850 mm.

Dat komt vooral door een toename in het aantal zware buien. Op de 13 klimatologische neerslagstations van het KNMI kwam het tussen 1901 en 1930 in totaal op 22 dagen tot minimaal 50 mm regen. Tussen 1991 en 2020 was dat op 54 dagen het geval, een toename van 145% dus. Het aantal dagen waarop enige neerslag valt neemt de laatste decennia echter wel af.

De gemiddelde neerslag in De Bilt is sinds het begin van de vorige eeuw duidelijk toegenomen (Klimaat).

Nieuwe klimaatscenario’s van het KNMI

Het KNMI heeft eerder dit jaar nieuwe klimaatscenario’s gepresenteerd. De vorige dateerde uit het jaar 2014. In de nieuwe scenario’s is niet alleen onderscheid gemaakt tussen verschillen in de toekomstige CO₂-uitstoot (laag, midden of hoog). Er is namelijk ook gekeken naar situaties waarin het klimaat gemiddeld steeds droger of juist steeds natter wordt. De reden daarvoor is dat de Benelux op de grens komt te liggen tussen het verdrogende Middellandse Zeegebied en het vernattende Scandinavië.

In de onderstaande afbeelding zijn de simulaties met verschillende klimaatscenario’s te zien voor de gemiddelde neerslag in Nederland tijdens de herfstmaanden. Het grijze cluster toont de simulaties voor de huidige referentieperiode, van 1991 t/m 2020. De overige simulaties zijn voor de periode rond 2100. Daarbij staan de kleuren (groen, oranje en rood) voor de toekomstige ontwikkeling van de CO₂-uitstoot. Het type icoon laat zien of het om een verdrogend klimaat (driehoek) of vernattend klimaat (cirkel) gaat.

Simulaties van de hoeveelheid neerslag in de herfst gemiddeld over Nederland rond het jaar 2100.

De zwarte stippellijn geeft de grens van 408 mm aan. Dat is de landelijk gemiddelde neerslaghoeveelheid die in de herfst van 2023 is gemeten in Nederland. Binnen de simulaties voor de referentieperiode 1991 – 2020 is dat dichtbij de hoogste waarde.

Voor vrijwel alle klimaatscenario’s rond 2100 zou een dergelijk extreem natte herfst tot nóg meer neerslag leiden met mogelijk zelfs 500 mm gemiddeld over het land. Waar de kans op een neerslagsom van 400 mm volgens de simulaties nu nog ongeveer 0,5 procent is, zou dat in een scenario met hoge CO₂-uitstoot en vernattend klimaat oplopen naar bijna 5%.

Hoge uitstoot leidt tot sterke verschillen in neerslag

In de scenario’s met een hoge toekomstige CO₂-uitstoot nemen de verschillen in neerslag tussen het droge seizoen (zomer) en natte seizoen (winter) het meest toe. Op jaarbasis zit er logischerwijs een verschil tussen het verdrogende en vernattende scenario. Echter, in beide gevallen worden de winters gemiddeld (veel) natter en de zomers (veel) droger. Welke van de twee veranderingen in neerslag zal domineren is onbekend. Bij een lagere CO₂-uitstoot nemen de verschillen in neerslag nog steeds toe ten opzichte van nu.

Jelmer van der Graaff

Door Jelmer van der Graaff

Ik volg momenteel de MSc Klimaatstudies aan de Wageningen Universiteit en ben vooral geïnteresseerd in (toekomstig) extreem weer. Ik deel mijn verhalen, inzichten en analyses graag met jullie op NoodweerBenelux.


Verder lezen

Alles bekijken