Startpositie winter 2018-2019

De winter komt eraan! Dat hebben we twee weken geleden ook al aan den lijve ondervonden. Er viel tijdelijk wat sneeuw over het zuidelijke deel van de Benelux. Dat doet ons natuurlijk verlangen naar de winter van 2018-2019, maar hoe zit het nu met al die parameters en seizoensvoorspellingen? Zijn ze betrouwbaar of niet? Dat kom je in dit artikel allemaal te weten!

Parameters

Om een lange termijnvoorspelling op te stellen, wordt er naar verschillende parameters gekeken. Er is echter nooit een ‘één op één relatie’ tussen de parameter enerzijds en het gevolg op onze winter anderzijds. Een reden hiervoor is zelfs niet eens ver te zoeken: het is eenvoudigweg de straalstroom. Onderstaande parameters beïnvloeden de straalstroom, maar zoals u misschien wel weet, heeft die een (relatief) warme kant (ten zuiden van de straalstroom) en een (relatief) koele kant (ten noorden van de straalstroom).

Als de straalstroom begint te meanderen, als gevolg van deze parameters, is het duidelijk dat er twee mogelijkheden zijn. Tot op de dag van vandaag is het daarom zeer moeilijk om voorspellingen te maken van enkele weken of maanden vooruit en daarom doen wij bij NoodweerBenelux niet aan winterverwachting, we tonen enkel een weergave van de parameters met uitleg daaromtrent.

QBO

De QBO is de afkorting voor Quasi-Biennial Oscillation, dit is de wind op grotere hoogte boven de evenaar. Deze kan oostelijk (negatieve QBO) of westelijk (positieve QBO) zijn en meestal duurt een cyclus (oost en west) ongeveer 28 maand.
Actueel zit de QBO in een afdalende, westelijke fase, zoals je hieronder kan zien.

Recentelijk onderzoek laat uitschijnen dat de kans op een (Major) SSW aanzienlijk verhoogt net op de overgang van een oostelijke naar een westelijke stroming… en laat ons nu net in die fase zitten!

1_u_lat_height_0

Doorsnede van de atmosfeer qua windsnelheden op de noordelijke hemisfeer. Bemerk hierbij de duidelijk oostelijke wind rond 50hpa (19km hoogte).

2_45723514_721359224893282_5315540530136875008_n

Overzicht van de fase waarin we nu zitten. Het is duidelijk dat we uit een oostelijke fase komen.

Meer info over de gevolgen van een SSW!

SAI Index

De SAI (Snow Advanced Index) is een maat voor de uitbreiding en dikte van de sneeuw in Siberië in de maand oktober. De mate waarin deze verspreid is, kan een invloed hebben op een al dan niet SSW volgens Judah Cohen (bekende onderzoeker in Amerika). Volgens hem zorgt een hoge SAI voor een kanstoename op hogedrukgebieden boven Siberië.

De reden hiervoor zit in het feit dat er in gebieden waar een grote, koude oppervlakte aanwezig is (in dit geval door veel sneeuw), makkelijker dalende luchtstromen kunnen ontstaan en er bijgevolg dus een hogedrukgebied  wordt gevormd. Dat hogedrukgebied kan dan interageren met de stratosfeer en zo een opwarming veroorzaken op hogere hoogtes. Indien een opwarming in de stratosfeer plaatsvindt, is dat natuurlijk positief voor kansen op winterweer in de Benelux, al geldt natuurlijk de opmerking van in het begin van dit artikel over de straalstroom.

3_Snowcover

Zonneactiviteit

Volgens sommige onderzoekers kan het aantal zonnevlekken in verband worden gebracht met een al dan niet strengere winter. Actueel neemt het aantal zonnevlekken opnieuw af tot een minimum. Dus dit zou in principe de kansen verhogen op winters weer.

Onderstaande grafiek heb ik zelf even gemaakt met data, aangeleverd door NOAA. Op deze grafiek valt op dat de 10 koudste winters sinds 1958 bijna allemaal vielen toen de zon op een (relatief) laag pitje draaide. Het verband tussen een eventuele (Major) SSW en QBO en/of ENSO is hierbij moeilijk in te schatten.

4_Zon_QBO_SSW_WINTER_600px

NAO/AO

De NAO index (North Atlantic Oscillation) is eerder een parameter die ons iets meer kan vertellen over de nabije toekomst. Dit is het verschil in luchtdruk tussen Portugal en IJsland. Als er hogedruk heerst boven Portugal en lagedruk boven IJsland, creëer je een westelijke circulatie (en dus ook een positieve NAO). Dit is meestal nefast voor winterweer de komende dagen en weken. Indien er lagedruk actief is boven Portugal en hogedruk boven IJsland, gebeurt dus het omgekeerde en krijg je een negatieve NAO… dit is meestal positief voor winterweer bij ons!

5_nao.sprd2

In deze grafiek zien we een dalende NAO-index wat ons dus een vrij grote kans op koeler weer geeft!

De AO index (Arctic Oscillation) is een maat voor hogedruk die over de pool aanwezig is. Een negatieve AO index betekent hoge druk boven de pool. Dit hogedrukgebied kan de straalstroom zuidelijker duwen en daarbij ook de koudere lucht. Het omgekeerde kan ook gebeuren en daarbij is een lagedruk aanwezig boven de pool, die de kou vrij goed vasthoudt en een vrij noordelijke straalstroom genereert (kleine kans op winterweer).

6_ao.sprd2

MJO index

De Madden-Julian Oscillation kan je het best vergelijken met het ENSO fenomeen. De La Niña of El Niño zijn stationair en bevinden zich altijd boven de Stille Oceaan. De MJO daarentegen is een oostwaarts verplaatsend systeem met regen, wolken en wind. De hele cyclus duurt gemiddeld gezien zo’n 30 tot 60 dagen en bestaat uit 8 fases. Per cyclus hoeft niet per se elke fase aan bod te komen. De invloed op winterweer is het grootst na fase 6/7/8 omdat drukstijgingen ten noorden van de Benelux dan bevoordeeld zijn.

7_ECMF_phase_51m_full

8_ensplume_full

Respectievelijk de MJO index van ECMWF en GFS. Hieruit blijkt dat de komende tijd geen enkele fase echt bevoorrecht is.

Weermodellen op maandbasis

Naast enkele weerinstituten die zich wagen aan seizoensvoorspellingen (en dan ook soms compleet verkeerd zijn), zijn er ook weermodellen die enkele maanden vooruit kijken. De meest gebruikte zijn CFS, het model van de Amerikaanse weerdienst, GLOSEA5 van de MetOffice en ECMWF Seasonal. Ook deze kaarten mag je zeker niet voor waarheid nemen, al kan je natuurlijk een trend proberen te vinden, maar ook een trend is niet altijd correct en zeker niet bij lange termijnvoorspellingen!

ECWMF Seasonal

Dit weermodel voorspelt in de periode december-januari-februari en januari-februari-maart normale temperaturen, maar met optie tot hogedruk op hogere breedtegraad. Dit kan dus een goed teken zijn voor de aankomende winter (want hogedruk in het noorden, geeft ons meestal een oostelijke component in de wind).

9_ps2png-gorax-blue-002-b6a07f0b7be1ee2f1ad515c21ca67e14-TEL23N

10_ps2png-gorax-blue-003-b6a07f0b7be1ee2f1ad515c21ca67e14-4dfLUk

GloSea5

Het Britse seizoensmodel voorspelt in diezelfde periode normale temperaturen en ook hier is er een neiging tot hogere luchtdruk op hogere breedtegraad met een vrij zuidelijke straalstroom.

11_2cat_20181101_mslp_months24_global_deter_public

CFS

Het model dat een niet zo goede winter voor de Benelux voorspelt is het CFS. Op onderstaand kaartje is dat mooi weergegeven. In dezelfde periodes als hierboven is er een duidelijke afwijking naar boven zichtbaar!

12_euT2mSeaInd2

Conclusie

Verschillende parameters zijn wel vrij goed te noemen en ook enkele lange termijnvoorspellingen zien het positief (vooral dan de Europese varianten), maar hoe de winter uiteindelijk verlopen zal, zullen we pas in april kunnen zeggen.

De komende dagen en week zien we (voorlopig) de straalstroom niet echt op de kaarten verschijnen en verhoogt de kans op wat kouder weer, maar meer over de actuele stand van het weer en de daaropvolgende twee weken, worden uit de doeken gedaan in het artikel van weerexpert Lander (Winterdiscussie deel 1).

Brongebruik:

Journals amtsoc – Metoffice – ECMWF – NOAA


Lees ook eens: