Omslag naar El Niño in 2026: komt er een extreem warm jaar?
De voelsprieten van klimaatwetenschappers richten zich opnieuw op de Stille Oceaan. Metingen tonen aan dat de equatoriale wateren van de Stille Oceaan langzaam aan het opwarmen zijn. Die ontwikkeling wijst op een omslag naar El Niño in 2026. Dat heeft wereldwijde gevolgen op weer. De kans bestaat dat het in 2026 en 2027 uitzonderlijk warm en droog wordt. In dit artikel bekijken we waaraan we ons mogen verwachten.
- Volg NoodweerBenelux op X en Facebook
- Blijft up-to-date met weervideo’s op YouTube

Het lijkt deze winter veel kouder en natter dan normaal in vele regio’s (VS, Benelux, Spanje, Canarische Eilanden), hoewel globale gemiddelden stijgen (hoe kan dat?). Voorspellingen die steunen op globale weermodellen wijzen op hitte en droogte in 2026. Mogelijks trekt zich dat door in 2027. De omslag naar El Niño die op komst is, is er de motor van.
El Niño maakt deel uit van het klimaatsysteem El Niño–Zuidelijke Oscillatie (ENSO), een natuurlijke schommeling tussen warmere (El Niño) en koelere (La Niña) fases in de tropische Stille Oceaan, en die gemeten worden op specifieke plekken.
- Vorig najaar zwaaide La Niña de plak, maar die was wel zwakker dan normaal en was in wisselwerking met een verstoorde poolwervel.

Momenteel is La Niña nog even aanwezig, maar volgens recente analyses zal die in de lente plaatsmaken voor een neutrale fase. Daardoor ontstaat ruimte voor een omslag naar El Niño, zo blijkt uit observaties van internationale meteorologische en oceanografische instituten, waaronder NOAA.
El Niño, gedreven door (onder andere) passaatwinden
Het mechanisme dat de ENSO aandrijft, is goed bekend, maar lastig te voorspellen. Normaal gesproken blazen passaatwinden warm oppervlaktewater richting het westen van de Stille Oceaan, van Amerikaanse kusten naar Zuidoost-Azië dus.

Wanneer deze winden verzwakken, stroomt dat warme water terug naar het centrale en oostelijke deel van de oceaan. Daar stijgt de zeewatertemperatuur en blijft maandenlang boven de gemiddelden. Die verschuiving verstoort de tropische luchtcirculatie en verandert wereldwijd de verdeling van warmte en vocht.
- La Niña bestaat ook in de Atlantische Oceaan, waar het een effect heeft op de activiteit van orkanen.
Volgens huidige aanwijzingen (zoals de warmteverdeling in de oceaan en het gedrag van luchtstromingen) bestaat een reële kans dat El Niño zich goed en wel nestelt tegen de zomer. En het fenomeen kan zich nog versterken naar het einde van 2026 toe (zie bovenstaande grafiek).
Hoe sterk het fenomeen precies wordt, is echter nog onzeker. Kleine veranderingen in oceaan- of atmosfeerdynamiek kunnen het verschil maken tussen een zwakke en een krachtige El Niño.
El Niño voegt energie toe aan het klimaatsysteem
Wat wel vaststaat, is dat El Niño extra energie de atmosfeer in pompt. Wanneer de oceaan opgeslagen warmte afgeeft aan de lucht, stijgt de wereldwijde gemiddelde temperatuur. Klimaatmodellen laten zien dat een matig tot sterk El Niño-jaar de wereldtemperatuur tijdelijk met enkele tienden van een graad kan verhogen.

Maar in het huidige tijdperk zitten we ook met opwarming door de uitstoot van broeikasgassen. Dat versterk de impact van El Niño. El Niño veroorzaakt klimaatverandering zeker niet, maar werkt wel als versterker.
- Een warmere oceaan zorgt voor meer orkanen.
Eerdere gebeurtenissen illustreren dat patroon. De uitzonderlijk sterke El Niño van 1997–1998 leidde wereldwijd tot hittegolven, overstromingen en droogtes. Ook de episode van 2015–2016 droeg bij aan recordtemperaturen, waardoor 2016 destijds het warmste jaar ooit gemeten werd.
- Opwarmend zeewater leidt soms tot een schadelijke algenbloei.
Invloed van El Niño op regionaal weer
Naast het toevoegen van warmte beïnvloedt El Niño ook regionaal weer. In Australië en delen van Zuidoost-Azië leidt El Niño vaak tot drogere en warmere omstandigheden, terwijl het zuiden van de Verenigde Staten juist nattere winters kent. In Afrika en Zuid-Amerika kan de neerslagverdeling verschuiven, met verhoogde kans op droogte in gebieden die sterk afhankelijk zijn van seizoensgebonden regens. Zo werd de extreme Day Zero-droogte in Zuid-Afrika (2015) toegeschreven aan El Niño.
Maar de droogtes die met elke El Niño-event gepaard gaan, zijn echter uniek, wat de onzekerheid vergroot.

Waarom een uitzonderlijk heet 2026 door El Niño?
El Niño kan 2026 uitzonderlijk heet maken net omdat het natuurlijke klimaatschommelingen versterkt. Normaal zorgt La Niña tijdelijk voor wat afkoeling, maar die fase loopt op z’n einde.
Het verschil met eerdere El Niño-jaren is dat de “achtergrondtemperatuur” nu al merkbaar hoger ligt door klimaatverandering. Elk nieuw warm signaal weegt dus zwaarder door. Klimaatdiensten waarschuwen dat 2026 daardoor bij de heetste jaren ooit gemeten kan horen, mogelijk dicht bij 1,5°C boven het pre-industriële niveau. El Niño is dus niet de oorzaak van alles, maar wel de katalysator die records kan doen sneuvelen.
