Klimaatverandering versterkt supercell-onweders in Europa
Klimaatverandering maakt Europa niet alleen warmer, maar ook onstuimiger. Uit een nieuwe studie in Science blijkt dat supercells, de zwaarste onweersbuien, in de toekomst vaker zullen toeslaan. Vooral in de Alpenregio dreigt het aantal stormen sterk toe te nemen als de aarde met 3 °C opwarmt. Supercells zijn zeldzaam, maar hun combinatie van stortregen, hagelstenen en verwoestende rukwinden richt elke keer grote schade aan. Dankzij nieuwe klimaatsimulaties op kilometerschaal hebben wetenschappers voor het eerst een beeld van hun huidige én toekomstige voorkomen gekregen. De resultaten tonen dat het aantal supercells onder 3°C opwarming met 11 procent zal stijgen. Centraal- en Oost-Europa moeten zich voorbereiden op een forse toename, terwijl Zuidwest-Frankrijk en het Iberisch Schiereiland een daling zien.
- Weerliefhebber? Volg ons via X en Facebook
- Volg de interessante weerberichten op Youtube
Deelnemen aan discussie? Ben je geïnteresseerd om deel te nemen als weeramateur of liefhebber van het weer aan het weerforum? Onderaan dit artikel krijg je bliksemsnel & gratis toegang tot alle reacties. Je kan ook je eigen weerfoto’s uploaden.
Supercell-onweders
Supercells behoren tot de gevaarlijkste weersfenomenen. Ze gaan gepaard met zware rukwinden, grote hagel, stortregens en soms zelfs tornado’s. Recent hebben dit soort zware convectieve stormen geleid tot fors stijgende schadeclaims bij verzekeraars, en in 2023 waren ze zelfs de duurste natuurramp in Europa. Toch weten we nog verrassend weinig over hun voorkomen en evolutie in een warmer klimaat. Waar er in de Verenigde Staten intussen voldoende lange observatiereeksen bestaan om trends te analyseren, is de monitoring in Europa versnipperd per land en ontbreekt een homogeen langetermijnbeeld.
Nieuw onderzoek met hoge resolutie modellen
Een nieuwe generatie klimaatsimulaties op kilometerschaal maakt het nu mogelijk om supercell onweersbuien direct te modelleren. In een 11-jarige simulatie (2011-2021) over Europa zijn de stormen expliciet opgespoord en in kaart gebracht, zonder afhankelijk te zijn van indirecte benaderingen. Dit levert voor het eerst een homogeen beeld van de frequentie en ruimtelijke verdeling van supercells in Europa. Door daarnaast een global warming simulatie (+3 °C) uit te voeren, konden onderzoekers ook analyseren hoe de verspreiding en intensiteit van supercells zullen veranderen in een opwarmend klimaat.
- Lees alles over het klimaat via dit boekje.
Supercell-onweders tussen 2011-2021
Er is nu voor het eerst een homogeen frequentiekaartje van supercells in Europa opgesteld. Daaruit blijkt dat deze zware onweersbuien zich vooral clusteren rond grote gebergtes zoals de Pyreneeën, het Massif Central, de Alpen en de Dynarische Alpen. Dit komt overeen met observaties van hagel en zware stormen uit radar- en satellietdata.
- Ooit al gehoord van een stormglas? Bestel het hier.
Daarnaast zien we in Zwitserland duidelijke maxima in de Voor-Alpen, in Duitsland een noord-zuidgradiënt, en in Frankrijk extra activiteit boven het Massif Central. Ook Spanje kent een bekend hotspotgebied in het oosten, terwijl de Friulische Alpen in Italië bevestigd worden als één van de actiefste regio’s van Europa.

De seizoenscyclus toont een duidelijke noord-zuidgradiënt: op het continent vallen supercells vooral in de zomer, terwijl het Middellandse Zeegebied eerder in de herfst piekt, wanneer warme zeewateren en koelere luchtlagen daarboven instabiliteit voeden.
Rol van topografie
Naast de seizoens- en dagcyclus speelt topografie een belangrijke rol. Bergen beïnvloeden luchtstromingen en zorgen lokaal voor meer windschering, vochtophoping en instabiliteit, waardoor supercells makkelijker ontstaan en krachtiger worden. Valleien en meren versterken dit effect door vocht vast te houden, terwijl op grotere schaal processen zoals het ontstaan van droge, stabiele luchtlagen (“Spanish plume”) of luwtedepressies aan de lijzijde van bergketens extra convectie uitlokken. Het resultaat is dat de Europese supercell-kaart sterke overeenkomsten vertoont met het reliëf: waar bergen zijn, neemt ook de kans op dit gevaarlijke type onweer aanzienlijk toe.
Aantal supercells neemt toe in de toekomst
In een toekomstscenario met +3 °C opwarming neemt het aantal supercells in Europa gemiddeld met 11% toe. De activiteit verschuift daarbij duidelijk op naar het noordoosten. De Alpen blijven wel hét centrum van supercell-activiteit: vooral in de Oostenrijkse Alpen stijgt het aantal stormen fors, tot meer dan vier supercells per jaar binnen vijf gridpunten (10×10 km). Ook Zuid-Duitsland, Oost- en Noordoost-Europa zien we een duidelijke toename.

Niet overal stijgt de activiteit: op het Iberisch Schiereiland en in Zuid-Frankrijk verwachten de simulaties juist een afname van supercells. Regionaal vallen enkele uitschieters op, zoals de Baltische regio waar het aantal supercells in dit scenario zelfs meer dan verdubbelt (+110%). België en Nederland zitten wat meer op de rand met wellicht een licht verhoogde kans op supercells. De studie bevestigt dat klimaatverandering de verdeling van supercells in Europa hertekent, met extra risico’s voor de Alpen en Centraal- en Oost-Europa.
Convectieve omgeving
De studie keek niet alleen naar het aantal supercells, maar ook naar de omgevingsfactoren die deze stormen mogelijk maken. Een belangrijk element is de CAPE (Convective Available Potential Energy), een maat voor de hoeveelheid energie in de atmosfeer. In het huidige klimaat zien we de hoogste waarden in Zuid-Europa en langs bergketens zoals de Alpen en Pyreneeën. In een +3 °C warmer klimaat neemt de instabiliteit duidelijk toe in Centraal- en Oost-Europa (o.a. Zwitserland, Oostenrijk en Duitsland), terwijl de Iberische regio juist minder instabiel wordt.

Daarnaast speelt CIN (Convective Inhibition) een rol: dit is als het ware een “deksel” dat convectie onderdrukt. Meer CIN betekent dat er meer energie nodig is om buien te laten ontstaan. In Zuid-Europa neemt CIN in een warmer klimaat sterk toe, waardoor stormen daar minder kans krijgen. In Centraal- en Oost-Europa blijft de toename van CIN beperkt, waardoor de sterkere instabiliteit makkelijker kan doorzetten. Ook de windschering neemt in veel gebieden toe, wat supercells extra kan versterken.
Intensiteit van supercells in een warmer klimaat
Tot slot keken de onderzoekers ook naar de intensiteit van supercells. De simulaties tonen dat supercells in een +3 °C warmer klimaat niet zozeer langer duren of grotere afstanden afleggen, maar vooral vaker voorkomen. De eigenschappen van de stormen zelf blijven grotendeels stabiel, al zijn er enkele duidelijke verschuivingen. Het meest in het oog springt de toename van neerslag: supercells produceren in de toekomst gemiddeld grotere neerslaggebieden en intensere piekregens. Ook de maximale hagelstenen worden groter, in lijn met eerdere studies die wijzen op extremere convectieve neerslag in Europa. Voor andere kenmerken, zoals piekwindsnelheden, stijgsnelheden en wervelintensiteit, blijven de verschillen beperkt of nauwelijks significant.

Hoe nieuw is dit onderzoek?
Uit de vergelijking met eerdere studies blijkt dat de nieuwe resultaten goed aansluiten bij wat we al weten over zware convectie in Europa. Supercells volgen een herkenbaar patroon: ze ontstaan vaak rond gebergtes zoals de Alpen, Pyreneeën en het Massif Central, pieken in de namiddag en komen het vaakst voor in de zomer. In de toekomst verschuift hun activiteit naar Noord- en Oost-Europa, terwijl het aantal supercells in Zuidwest-Europa juist afneemt. Vooral de Alpen blijven dé hotspot, met een forse toename van het aantal stormen.
Opvallend is dat niet alleen de frequentie stijgt (+11% in een +3 °C scenario), maar ook de intensiteit: grotere hagelstenen, hevigere regenval en uitgebreidere neerslaggebieden. Voor windstoten blijven de verschillen beperkter, maar de combinatie van vaker en natter maakt supercells in een warmer klimaat duidelijk schadelijker. Met nu al meer dan 700 supercells per jaar in Europa, en een significante toename in de toekomst, zullen ze steeds meer een risico vormen voor de samenleving.
Bekijk de hele studie via: Feldmann, M., Blanc, M., Brennan, K. P., Thurnherr, I., Velasquez, P., Martius, O., and Schär, C.: European supercell thunderstorms—A prevalent current threat and an increasing future hazard, Science Advances, 11, eadx0513, https://doi.org/10.1126/sciadv.adx0513, 2025.
