Warmste juni in West-Europa en hittegolf in de Noordzee. Wat is er aan de hand?
De conclusie van de Europese klimaatdienst Copernicus is duidelijk: juni 2026 was voor West-Europa de warmste junimaand ooit sinds de start van de metingen. Een omvangrijke en standvastige hittekoepel was daarvoor verantwoordelijk. Ook de eerste helft van juli bouwde verder op hetzelfde elan, met hitte en meerdere hittegolven op grote schaal, een verder aanscherpende droogte alsook bos- en natuurbranden op heel wat plekken. Niet alleen het land, maar ook de zee warmde daarbij in snel tempo op. Wetenschappers spreken over een uitzonderlijk vroege zomerse mariene hittegolf. Ook de Noordzee bereikte recent een recordtemperatuur. Maar wat is er aan de hand? En welke gevolgen heeft dit allemaal?
- Weerliefhebber: volg ons via X en Facebook
- Volg de interessante weerberichten op YouTube
- Bekijk zelf de weerkaarten op onze website
Deelnemen aan discussie? Ben je geïnteresseerd om deel te nemen als weeramateur of liefhebber van het weer aan het weerforum? Onderaan dit artikel krijg je bliksemsnel & gratis toegang tot alle reacties. Je kan ook je eigen weerfoto’s uploaden.
Juni 2026 recordmaand voor W-Europa
De afgelopen junimaand was een absolute recordmaand voor West-Europa. De statistieken liegen er niet om. De gemiddelde temperatuur lag meer dan 3°C boven het langjarig gemiddelde (1991-2020) en was hoger dan de voorlopig warmste junimaanden van 2025 en 2003. Deze laatste herinneren we nog als het recordjaar voor wat betreft de Europese hittedoden. Ook nu is er sprake van ongeziene en langdurige hitte, die heel wat hittestress en hittedoden teweeg gebracht heeft.

Uit recente statistieken blijkt duidelijk dat de recente hittegolven van de afgelopen maanden hebben gezorgd voor een aanzienlijke oversterfte, ook in de Benelux. Het vroege en zeer warme zomerweer is daarvoor verantwoordelijk. Dankzij herhaaldelijke blokkades van hogedruk met een stevige hittekoepel boven West-Europa kon de ene hittegolf na de andere ontstaan, met alle gevolgen van dien. Eind mei vond de eerste hittegolf plaats, gevolgd door een tweede hittegolf in de tweede helft van juni en recent, in de eerste helft van juli, kreeg een groot deel van zuidwest-Europa alweer te maken met een hittegolf. Door de extreme temperaturen is er intussen ook een aanzienlijk neerslagtekort opgebouwd, waardoor de jongste tijd massaal bos- en natuurbranden ontstaan zijn, o.a. in Spanje, Frankrijk, en recent ook in België.
De evolutie van de temperaturen laat duidelijk zien dat de grootste temperatuurafwijkingen vooral in de 21e eeuw terug te vinden zijn.
Mariene hittegolf
El Niño bouwt zich steeds verder op
Niet alleen op het land deden zich recent hittegolven voor, maar ook op zee en in de oceaan. Volgens de Europese klimaatdienst was de zeewatertemperatuur nog nooit zo hoog in de extra-polaire oceanen (tussen 60° N- en ZB). De gemiddelde watertemperatuur bedroeg maar liefst 20.86°C in juni en dat zou een record zijn. Bij extreme zeewatertemperaturen spreken we ook wel van een ‘mariene hittegolf’. Het is intussen ook duidelijk dat vooral de zeewatertemperatuur in de Grote Oceaan een sterke positieve afwijking vertoont. In zo’n geval spreken we ook over El Niño-condities. Een zeer sterke El Niño lijkt zich momenteel op te bouwen, mede geholpen door de zeer vroege hitte. De verwachting is dat dit weerfenomeen zich nog verder zal versterken, met alle gevolgen van dien.

Groter risico op Medicanes komend najaar
Ook op vandaag, in juli, vertonen de Europese wateren een sterk positieve afwijking in de zeewatertemperatuur. Vooral langsheen de Golf van Biskaje is er duidelijk sprake van een mariene hittegolf op de Atlantische Oceaan. Daarnaast zijn ook de temperaturen van de Middellandse Zee uitzonderlijk hoog (26-27°C). Zulke zeewatertemperaturen liggen rond het theoretisch criterium voor het ontstaan van orkanen. Uiteraard kunnen er in de Middellandse Zee geen orkanen ontstaan, maar dit zal wel een voedingsbodem vormen voor het ontstaan van zogeheten ‘Medicanes’, zware onweersclusters rondom een lagedrukgebied die de allures hebben van een orkaan. Deze ontstaan vaak in het najaar over het Middellands Zeegebied door een groot contrast tussen de warme zee en koude bovenlucht.

Ook Noordzee recordwarm
Ook in onze contreien vertonen de zeewatertemperaturen momenteel een zeer sterk positieve afwijking. Recente metingen van het KNMI geven aan dat de huidige temperaturen van de Noordzee hoger liggen dan ooit tevoren gemeten rond deze tijd. Normaal gesproken worden de hoogste Noordzeetemperaturen bereikt in augustus, aan het eind van de zomer. Wel, nu meten we al gelijkaardige of zelfs hogere temperaturen ten opzichte van die periode. Ook in onze Noordzee is er dus sprake van een mariene hittegolf momenteel.
De metingen van het KNMI tonen duidelijk aan dat de zeewatertemperatuur in de Noordzee een stijgende trend vertoont, vooral sinds de jaren ’80. De temperaturen die we op vandaag meten zijn uitzonderlijk en kwamen nooit eerder zo vroeg op het jaar voor. Mariene hittegolven duren langer t.o.v. hittegolven op het land. Dat heeft alles te maken met de warmtecapaciteit van water. Het land warmt sneller op en geeft de warmte weer sneller af. Zeewater heeft enige tijd nodig om op te warmen, maar eens opgewarmd, wordt de warmte langer vastgehouden. Dat betekent dus dat de huidige hittegolf nog effecten zal hebben in de herfst- en winterperiode, ook al koelt het water gestaag weer af in deze periode.

Welke gevolgen hebben mariene hittegolven?
De atmosfeer en de oceaan zijn in continue interactie met elkaar. In onze contreien speelt het water van de Noordzee en de Atlantische Oceaan een cruciale rol. De luchtstroming is hoofdzakelijk westelijk tot zuidwestelijk (zeker in de wintermaanden), met dus vaak een aanvoer van maritieme lucht van over zee. Dit zorgt voor ons gematigd klimaat. In de wintermaanden zorgt een stroming van over zee voor zachter weer, in de zomer zorgt een maritieme stroming juist voor wat milder weer. De Noordzee en Atlantische Oceaan zorgen ook voor heel wat vochttransport. Water verdampt immers en komt zo in de atmosfeer terecht. Dit leidt vaak tot meer bewolking wanneer de wind van over zee waait. Daarnaast vormt verdamping van zeewater tot vocht in de atmosfeer ook een belangrijke voedingsbron voor depressies en bijhorende neerslagfronten.
Een warmere atmosfeer kan meer vocht bevatten en dus ook vasthouden. Per °C opwarming kan er gemiddeld 7 % meer waterdamp worden vastgehouden in de atmosfeer (wet van Clausius-Clapeyron). De klimaatopwarming draagt dus rechtstreeks bij tot een vochtigere atmosfeer, waardoor extremere regenhoeveelheden steeds waarschijnlijker worden. Wanneer de zeewatertemperaturen extreem hoog zijn, tijdens en na een mariene hittegolf is er meer energie voor handen, waardoor vocht ook makkelijker verdampt naar de atmosfeer.

Deze extra hoeveelheid vocht is een enorme voedingsbodem voor het ontstaan van fellere buien. Dit komt vaak sterker tot uiting bij fenomenen zoals kustconvergentie in het najaar, wanneer de bovenlucht kouder wordt en dit een sterk contrast oplevert tussen de bovenlucht en de warme Noordzee. Komend najaar mogen we dus naar alle waarschijnlijkheid extremere buien verwachten in gevallen wanneer (hoogte)troggen onze kustregio passeren. In het Middellands Zeegebied vergroot de kans op Medicanes met zware buien.
Tot slot heeft het warmere zeewater ook een effect op de zeefauna. Recente waarnemingen en studies wijzen erop dat de koudwatersoorten stilaan migreren naar het noorden, terwijl warmwatersoorten steeds vaker oprukken naar onze contreien. De klimaatopwarming heeft dus ook in onze regio rechtstreekse en onrechtstreekse gevolgen.
