Wat gebeurt er als een vliegtuig in een storm belandt?
Je zit net rustig in je stoel, de drankjes zijn misschien net rondgebracht en dan klinkt ineens het bekende pingeltje. Het stoelriemlampje gaat aan. Buiten wordt de lucht donkerder en het vliegtuig begint wat te bewegen. Voor veel passagiers is dat het moment waarop de fantasie op hol slaat. Zeker als je onderweg bent naar de zon, bijvoorbeeld na het boeken van tickets Brussel Tenerife, zit je niet te wachten op een vlucht die onrustig aanvoelt.
Toch is stormachtig weer voor piloten geen verrassing. Het is iets waar ze vóór en tijdens de vlucht voortdurend rekening mee houden. Een vliegtuig vliegt niet zomaar blind een onweersbui in. Er wordt gemeten, overlegd, bijgestuurd en soms gewoon omgevlogen.
Piloten proberen stormen te vermijden
Een storm is geen rechte muur waar een vliegtuig onvermijdelijk doorheen moet. Slecht weer bestaat uit buien, windvelden en zones met meer of minder activiteit. Piloten zien veel daarvan op hun weerradar en krijgen daarnaast informatie van de luchtverkeersleiding en andere vliegtuigen in de buurt. Als er een stevige onweerscel op de route ligt, wordt meestal gekozen voor een andere koers. Dat kan betekenen dat het vliegtuig een bocht maakt of iets langer onderweg is.
Voor passagiers voelt dat misschien alsof er niets bijzonders gebeurt, maar in de cockpit wordt continu gekeken wat de rustigste en veiligste route is. Bij vakantievluchten merk je dat soms aan een iets latere aankomsttijd. Vervelend, maar liever tien minuten omvliegen dan door het slechtste deel van een bui.
Turbulentie is meestal ongemak, geen gevaar
Wat passagiers het meest voelen, is turbulentie. Het toestel trilt, zakt een beetje of beweegt van links naar rechts. Dat kan onaangenaam zijn, vooral wanneer het onverwacht komt. Toch is turbulentie meestal geen teken dat er iets misgaat. Een vliegtuig is gebouwd om flinke krachten te weerstaan. De vleugels kunnen meer hebben dan je als passagier prettig vindt om te voelen.
De reden dat de bemanning vraagt om je stoelriem vast te maken, is vooral praktisch: mensen mogen niet vallen of tegen bagagebakken stoten als het toestel plots beweegt. Voor het vliegtuig zelf is turbulentie meestal minder spannend dan voor de mensen aan boord.
En bliksem dan?
Een vliegtuig kan door bliksem worden geraakt. Dat klinkt dramatisch, maar moderne toestellen zijn daarop ontworpen. De stroom loopt via de buitenkant van het vliegtuig weg. Soms merken passagiers een flits of horen ze een knal, maar in de meeste gevallen vliegt het toestel gewoon door. Na de landing kan er een inspectie plaatsvinden. Dat is geen reden tot paniek, maar onderdeel van de standaardprocedures.
Waarom voelt landen bij slecht weer zo heftig?
De landing is vaak het moment waarop passagiers storm het duidelijkst ervaren. Op lage hoogte merk je windvlagen sneller. Het vliegtuig kan wat corrigeren, de vleugels bewegen en soms voelt het alsof het toestel schuin binnenkomt. Dat ziet er spannender uit dan het voor piloten is. Zij trainen juist uitgebreid op zijwind, regen en onrustige naderingen.
Als een landing niet stabiel genoeg is, wordt er niet doorgezet. Dan maakt het vliegtuig een doorstart en probeert de bemanning het opnieuw. Voor passagiers voelt dat misschien als iets ernstigs, maar in de luchtvaart is het een normale veiligheidskeuze.
